Een lange moeizame weg

Achtergronden | Jodendom Tekst, Sergey Dariy

Er is een bekend Joods gezegde over twee synagogen in dezelfde straat: de een is om te bezoeken, de ander om te mijden. Uit de Joodse geschiedenis leren we veel over de confrontatie tussen de chassidim en mitnagdim in de 18e en 19e eeuw en over de discussies, die er nog steeds zijn, tussen de religieuze zionisten en de antizionisten.

De Joodse geschiedenis kent een aantal zeer controversiële persoonlijkheden. Een van hen was Eliëzer Perelman. Beter bekend als Eliëzer Ben-Jehoeda: de grondlegger van het moderne Hebreeuws, het Ivriet.

Een droom

Ben-Jehoeda is een zeer gerespecteerd man in Israël en binnen het wereldjodendom. Zelfs zozeer dat de hoofdstraten van Jeruzalem en Tel Aviv naar hem zijn vernoemd. Zijn grote droom was dat het Hebreeuws weer een levende taal zou worden. Hij heeft er alles aan gedaan, en even zoveel voor gelaten, om deze droom te laten uitkomen. Toch zijn er nog Joodse mensen die zijn bijdrage tot de herleving van de taal absoluut niet kunnen waarderen.

Gedenkplaat

Toen ik mijn eerste poging deed om het Hebreeuws te leren, gebruikte ik daarvoor een oud Russisch-Hebreeuws woordenboek. In het voorwoord stond Ben-Jehoeda’s biografie en een beschrijving van zijn enorme inzet voor de herleving van de Hebreeuwse taal. Het verhaal was helder en zeer patriottisch. Maar er is ook een keerzijde. Het leven van Ben-Jehoeda verliep namelijk bepaald niet kalm en rustig. Tot op heden zul je op zijn woning in Jeruzalem geen gedenkplaat aantreffen. Zodra er namelijk een bord wordt opgehangen, wordt het vrijwel direct weer verwijderd door extreem orthodoxe fanatici. Ze moeten niets hebben van Eliëzer Ben-Jehoeda en blijven hem dwarszitten. Waarom? Hieronder beschrijven we enkele gebeurtenissen uit zijn leven, die tekenend zijn voor zijn moeizame relatie met sommige Haredim (ultraorthodoxe Joden).

Alija

In 1881 verhuisde Ben-Jehoeda met zijn vrouw Deborah naar Jeruzalem. In Israël sprak toen helemaal niemand Hebreeuws. Men communiceerde voornamelijk in het Arabisch, Turks en de talen van de diaspora, waaronder Jiddisch en Ladino. Het Hebreeuws was de taal van de Heilige Schrift en werd uitsluitend gebruikt voor de Thoralezing en het gebed. Kort na zijn aankomst in Jeruzalem werd Ben-Jehoeda onderwijzer aan de Alliance School, op voorwaarde dat hij de lessen in het Hebreeuws zou geven. Zo werd dit de eerste school met onderwijs in het Hebreeuws. Daarnaast schreef Ben-Jehoeda voor ‘Ha’havatzelet’ (de lelie), een Hebreeuws literair tijdschrift, en richtte hij ook ‘Hatzvi’ (het hert), de eerste Hebreeuwstalige weekkrant, op. Een uitzonderlijke prestatie, gezien de beperkte Hebreeuwse woordenschat, de Turkse censuur en het gebrek aan financiën. Ben-Jehoeda moest compleet nieuwe Hebreeuwse werkwoorden en zelfstandig naamwoorden vinden voor allerlei moderne begrippen.

Ben-Sion

Ben-Jehoeda en Deborah kregen een zoon, Ben-Sion (zoon van Sion). Al voor zijn geboorte had Ben-Jehoeda zich voorgenomen dat het kind uitsluitend Hebreeuws zou spreken. Zo werd de jongen het eerste kind dat in de moderne tijd met Hebreeuws als moedertaal werd grootgebracht. Het moet voor zijn moeder beslist niet eenvoudig zijn geweest om tedere woordjes als ‘schatje’ of ‘liefje’ te vinden voor het opgroeiende kind. Want deze woorden kende het oude Hebreeuws nog niet. Ben-Sion groeide op als een teruggetrokken kind. En op vierjarige leeftijd sprak hij nog geen woord! De jongen had ook geen vrienden, omdat zijn vader hem niet met kinderen wilde laten spelen die geen Hebreeuws spraken. Jarenlang waren de hond en kat zijn beste vrienden. Het was duidelijk geen gemakkelijk leven voor zo’n jonge knul.

Ontheiligd

Op een dag brak er een groot conflict uit met de buren. Deborah had Ben-Sion namelijk in het Hebreeuws de opdracht gegeven om naar het toilet te gaan. Verontwaardigd werd er geroepen: ‘Je hebt de Thora ontheiligd! Hoe durf je in de heilige taal over de toiletgang te spreken!’ Kort hierna verklaarden de lokale religieuze Joden Ben-Jehoeda en zijn gezin ‘de oorlog’. Ze riepen beledigingen en gooiden stenen in de tuin. Het gezin werd verhinderd om naar buiten te gaan of werd geduwd en geslagen. Ondanks dat bleef Ben-Jehoeda zich onvermoeibaar inzetten voor de herleving van de Hebreeuwse taal. Zelfs zijn vrouw smeekte hem ermee te stoppen, want hun zoon werd het zwaarst getroffen. Maar vader zei gedecideerd: “Het Hebreeuws is het waard mijn eigen zoon voor op te offeren …”.

Tien jaar

In 1891 stierf Deborah. En elf jaar later was Ben-Jehoeda een ziekelijke weduwnaar, die intussen drie van zijn kinderen had begraven! De rabbijnen lieten echter niet toe dat de kinderen werden begraven op de Joodse begraafplaats. Ze waren immers de kinderen van een afvallige die de Thora had beledigd. Na tien jaar hard werken om de taal opnieuw tot leven te brengen, spraken in heel Israël slechts tien families Hebreeuws. Tien jaar, tien families! Wat een mislukking! Desondanks werkte Eliëzer achttien uur per dag aan zijn ‘Complete woordenboek van Oud en Modern Hebreeuws’. Een boek met alle Hebreeuwse woorden, gebruikt vanaf de tijd van Abraham tot aan de moderne tijd.

Valse beschuldigingen

Op een dag spanden orthodoxe fanatici samen tegen Ben-Jehoeda. Heel bewust vertaalden ze een regel in zijn nieuwsblad ‘Hatzvi’ verkeerd. Van ‘Laten wij ons sterk maken en doorgaan’, maakten zij: ‘Laat ons een leger verzamelen en ons richten tegen het Oosten’. Vervolgens vertelden ze de Ottomaanse machthebbers dat Ben-Jehoeda zijn volgelingen opriep in opstand te komen. Hij werd gearresteerd en veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf. In de cel verslechterde zijn gezondheid en in 1922, zes maanden na zijn vrijlating, overleed Eliëzer Ben-Jehoeda.

Hebreeuws!

Terwijl zijn vader in de gevangenis zat, werd de twaalfjarige Ben-Sion lastiggevallen door buurjongens. Hij was ten einde raad, totdat ... hij zich ineens realiseerde dat hij werd beledigd in het Hebreeuws, de heilige taal van God! Zonder het zich te realiseren, spraken ze woorden in een taal waarvoor zijn vader zich zo had ingezet.

Sluiten