Meer tussen hemel en aarde

Evangelie voor Israël Tekst,

“Wat gebeurt er als je dood gaat?” Die vraag blijft Sid als klein jongetje achtervolgen. Eenmaal ouder geworden, onderdrukt hij dit soort gedachten. Totdat hij als succesvol zakenman zich opnieuw gedrongen voelt te onderzoeken of er meer is tussen hemel en aarde ... Sid, geboren uit traditionele Joodse ouders, is Israëlisch en Amerikaans staatsburger. Hier volgt zijn verhaal.

Bang om te sterven 

Als kleine jongen was ik vaak bang. Mijn ouders speelden poker en gokten graag. Ze waren daarom ’s avonds veel weg en lieten mij dan alleen achter. “Wat zou er gebeuren als ik dood ga?”, spookte door mijn hoofd. Hoewel het judaïsme leert dat er leven is na de dood, praten wij Joden daar liever niet over. Het beangstigde me enorm en naarmate ik ouder werd probeerde ik dit soort levensvragen te verdringen. Als dertienjarige jongen deed ik wel Bar Mitswa1 in een traditionele synagoge, maar het betekende eigenlijk niets voor mij. De Joodse religie speelde bij mijn levensvragen geen enkele rol. Ik was trots op mijn Jood-zijn, maar die religie boeide me niet. Eigenlijk was geld mijn god. Voor je dertigste miljonair worden, dat was mijn droom. Op mijn 29ste was ik afgestudeerd, getrouwd, vader van een dochter en had een goede baan bij Merill Lynch (een grote financieel beheer en advies onderneming, red.). Ik had een geweldige carrière gemaakt, had een fantastisch leven, maar voelde me desalniettemin een mislukkeling. Mijn droom om miljonair te worden was immers niet uitgekomen.

Op zoek naar geluk 

Toen deed ik iets, waar ik bepaald niet trots op ben. Ik verliet mijn vrouw en dochter, gaf mijn baan op en ging weg: op zoek naar geluk. Tijdens mijn schooltijd had ik een liedje geschreven met de titel ‘er moet iets meer zijn...’. Gek genoeg dacht ik bij dat ‘meer’ nou juist niet aan de God van de Joden. Het was de enige richting waarin ik niet zocht. Mijn zoektocht leidde uiteindelijk naar de New Age beweging, waar ik een meditatiecursus deed. Je leert daar in een onderbewustzijnstoestand te komen en vraagt dan een soort raadsman bij je binnen te komen. De cursus werkte en ik vond het geweldig. Toen ik ook nog bepaalde helderziende gaven kreeg, dacht ik dat ik ‘het’ gevonden had. Dit zou me nog succesvoller maken!

Mijn Joodse Bijbel 

Totdat een christelijke zakenman mij vertelde dat God New Age praktijken veroordeelde. Hij daagde me uit zijn bewering zelf in mijn Joodse Bijbel te onderzoeken. Hij vertelde ook dat Jezus de Joodse Messias is, Die voor mij, door mijn Joodse opvoeding, zo zorgvuldig verborgen was gehouden. Ik stond perplex en begon in mijn Joodse Bijbel zelf Deuteronomium 18:10-12 te lezen. Daar wordt onder andere gewaarschuwd tegen waarzeggerij en allerlei andere occulte praktijken. Toen de gedachte bij mij opkwam dat dit wel eens voor mij een waarschuwing zou kunnen zijn, begon ‘de raadsman’, die ik bij me had binnengelaten, mij vanuit mijn eigen gedachten te vervloeken. Voorheen dacht ik dat ik deze New Age geest beheerste, maar nu wist ik dat hij mij beheerste. Er was nu een kracht in mij doorgedrongen, die heel sterk en heel slecht was.

Toen ik die nacht wilde gaan slapen, was ik zo verschrikkelijk bang, dat ik dood wilde. Wanhopig riep ik: “Jezus, help!”. Ik wist nog niet eens of Jezus echt bestond, maar ik wist niet bij wie ik anders terecht kon. Toen ik de volgende morgen wakker werd, wist ik onmiddellijk dat het kwaad dat in mij huisde, verdwenen was. Zelfs mijn angst was verdwenen! Ik besefte dat het kwam door het gebed dat ik die avond ervoor gebeden had. In plaats van angst en wanhoop voelde ik een tastbare vrede en liefde, die ik nooit eerder had ervaren. En ik wist dat Jezus echt bestond. God sprak tot mijn hart, dat Hij echtscheiding haatte. Hij herstelde mijn huwelijk en gaf me mijn prachtige vrouw Joy en mijn kostbare dochter Leigh terug. En ook zij kwamen tot geloof in Jezus als hun Messias.

Mijn vader 

Toen mijn moeder en zus ook tot geloof kwamen, was mijn Joods orthodoxe vader daar helemaal niet blij mee. Hij reageerde heel sceptisch en schaamde zich ervoor. Totdat hij op een dag vroeg: “Vertel me eens waarom Jezus de Messias is”. Ik pakte mijn Bijbel en begon uit Jesaja 53 te lezen. “Stop en laat me die Bijbel waaruit je leest eens zien”, riep hij. Ik gaf hem mijn King James Bijbel. “Aha!”, zo meende hij te kunnen verklaren, “dit telt niet, want je leest uit een christelijke Bijbel!” Ik beloofde hem het gedeelte uit een Joodse Bijbel voor te lezen, die overigens – voor wat het Oude Testament betreft - precies hetzelfde is. Ik ging naar de rabbijn, bij wie ik mijn Bar Mitswa had gedaan en vroeg hem om een Tenach (een goedgekeurde Joodse Bijbel). “Wilt u er ook iets voor mij inschrijven?”, vroeg ik (om te bewijzen dat de Bijbel echt van de rabbijn kwam). En dat deed hij. Weer thuisgekomen, zei ik: “Papa, ik heb hier een Tenach van de rabbijn en ik zal er iets uit voorlezen”.

Ik las Jesaja 52:13 tot en met 53:9 over de Knecht des HEEREN, Die verstandig zal handelen, verhoogd zal worden en zeer hoog verheven, zoals eerst velen zich over Hem zullen ontzetten, omdat Hij gestalte noch luister had; dat Hij een Man van smarten was, vertrouwd met ziekte, dat Hij om onze overtredingen werd doorboord. Dat Hij Zich liet verdrukken en als een lam ter slachting liet leiden, omwille van de ongerechtigheden van mijn volk ... “Stop!”, zei mijn vader, “je leest weer over Jezus.” Als orthodox Jood zou hij als laatste ter wereld willen geloven dat Jezus de Messias is. En toen hij besefte dat dit gedeelte uit Jesaja over Jezus gaat, zei hij: “Stop, ik wil dit verder niet meer horen”.

Een paar jaar later lag hij op sterven. Voor ik hem in het ziekenhuis bezocht, ervoer ik diezelfde aanwezigheid van God als bij mijn bekering. Op de Intensive Care aangekomen, bleek mijn gelovige zus ook bij hem op bezoek te zijn. God was voelbaar aanwezig en ik zei: “Pap, mamma zegt dat de hemel een geweldige plek moet zijn”. “Zou jij de Messias ook willen kennen?” Mijn vader had haast geen stem meer. Zijn hele lichaam begon het al af te laten weten. Maar op dat moment zei hij duidelijk hoorbaar: “Ja”.

Voetnoot:
1. Letterlijk ‘zoon van het Gebod’. Een ceremonie waardoor een 13-jarige Joodse jongen godsdienstige volwassenheid bereikt. 

Sluiten