Het mysterie van de middelste matze

Feesten en offers Tekst, Mike Moore

Eén keer per jaar vieren Joodse families hun sederavond ter herinnering aan de bevrijding uit Egypte. De volgorde van de ceremonie is te vinden in de Haggadah, een boekje waarin de geschiedenis en betekenis van de uittocht door middel van verhalen, liedjes, vragen en symbolische handelingen wordt uitgelegd. Een mysterieus onderdeel van de ceremonie is echter ‘de Afikomen’ …

Heidense invloeden

De Afikomen is de middelste van drie matzes die in tweeën wordt gebroken. Het grootste deel wordt verstopt om aan het einde van de maaltijd te worden teruggebracht! Volgens David Daube, een Joodse geleerde aan Oxford University, is de term ‘afikomen’ afgeleid van het Griekse werkwoord afikomenos, wat vertaald kan worden met ‘De Komende’ of ‘Hij die gekomen is’. Deze ‘Komende’ is niemand minder dan de Messias.

Door de vele heidense invloeden, heeft de kerk het zicht op haar Joodse wortels echter verloren. De betekenisvolle symbolen van de Pesachviering gingen ten onder in verhitte discussies over transsubstantiatie en de veronderstelde mystieke werkzaamheid van het sacrament. Niets bleef daardoor over van de gedachte aan Israëls uittocht uit Egypte, laat staan aan de profetische betekenis van deze wonderbare verlossing.

Als we de evangeliën echter onbevooroordeeld lezen, ontdekken we de intense Messiaanse verwachting van die tijd. Johannes zendt bijvoorbeeld twee van zijn discipelen tot de Heere Jezus met de vraag: "Bent U het Die komen zou, of verwachten wij een ander?" (Luk. 7:19). De hogepriester vroeg de Heere: "Bent U de Christus, de Zoon van de Gezegende?" (Mark. 14:61) en zo ook de oudsten en schriftgeleerden: "Bent U de Christus? Zeg het ons" (Luk. 22:67). Simeon verwachtte de vertroosting van Israël en Hanna sprak over Hem tot allen die verlossing in Jeruzalem verwachtten (Luk. 2:25, 38). Vanwaar deze vurige Messiaanse verwachting?

Als Jezus de Messias is

Mijn onderzoek over dit thema werd gestimuleerd door een gesprek met een orthodox-joodse vriend Eliyohu. Debatterend over de vraag of Jezus de Messias was, wilde hij van mij weten wat er was gebeurd met de profetie van Daniël 2:44: “In de dagen van die koningen zal de God van de hemel echter een Koninkrijk doen opkomen dat voor eeuwig niet te gronde zal gaan en waarvan de heerschappij niet op een ander volk zal overgaan. Het zal al die andere koninkrijken verbrijzelen en tenietdoen, maar zelf zal het voor eeuwig standhouden”.

Evenals alle orthodoxe Joden was Eliyohu van mening dat dit eeuwig koninkrijk door de Messias zou worden gevestigd. “Maar”, wierp hij tegen, “als Jezus de Messias is, waar is dan dat koninkrijk? Als Hij deze profetie niet heeft vervuld, kan hij de Messias niet zijn.” Einde discussie.
Na zijn terugkeer uit de Verenigde Staten, zetten we toch onze discussie over dit onderwerp per e-mail voort. Ik wees hem op de uitleg van Rabbi Shlomo Yitzhaki (vaak aangeduid met de afkorting ‘Rashi’). Deze, een van de grootste Joodse bijbelcommentatoren, zegt over Daniël 2:44: "Als het koninkrijk van Rome nog bestaat ... zal het koninkrijk van de Heilige, gezegend zij Hij, al deze koninkrijken verbrijzelen en vernietigen".

De Joodse volgorde

In de Joodse volgorde van de bijbelboeken is het boek Daniël echter niet in de sectie van de Profeten opgenomen, noch in de jaarlijkse cyclus van de synagogale lezingen. In plaats daarvan is het boek terechtgekomen in het derde deel van de Hebreeuwse Bijbel (de Chetoebim, de Geschriften). Desalniettemin onthullen rabbijnse uitspraken dat Daniël wel degelijk een profetisch Boek is waarin de tijd van de komst van de Messias wordt voorzegd. Het Talmoedisch traktaat Megillah leert dat de Targoem1 van de Profeten werd samengesteld door Jonathan ben Uzziel onder leiding van de profeten Haggai, Zacharia en Maleachi. Toen deze echter de verborgenheid van o.a. het boek Daniël wilde onthullen, kwam er een stem uit de hemel die ben Uzziel dat verbood te doen.2 De datum van de komst van de Messias zou er namelijk in worden voorspeld!

Van alle boeken van de Chetoebim zijn Targoemim of commentaren beschikbaar, met uitzondering van één boek: Daniël. “Want”, zegt de Talmoed, “dat boek bevat de datum van de Messias.” De bekende geschiedschrijver Josephus versterkt die gedachte met de woorden: "Wij geloven dat Daniël sprak met God, want hij profeteerde niet alleen over toekomstige gebeurtenissen, zoals de andere profeten, maar stelde ook de tijd van hun vervulling vast" (Oudheden van de Joden, Boek 10, hfdst. 11 vers 7).

Harten versterkt door de Afikomen

Zoals we reeds in de evangeliën zagen, was er gedurende de eerste eeuw een sterke Messiaanse verwachting in Israël. Volgens Josephus liepen tijdens Pesach de anti-Romeinse gevoelens onder de Jeruzalemse bevolking en de duizenden Joodse pelgrims, hoger op dan gebruikelijk. Om die reden hadden de Romeinen tijdens Pesach meer soldaten gemobiliseerd dan gebruikelijk. Ze konden een eventuele opstand dan sneller neerslaan. Naar alle waarschijnlijkheid hebben de rabbijnen, onder de toenmalige vloedgolf van Messiaanse verwachting, het Messiaanse element van de afikomen in de Pesachviering geïntroduceerd. Vanaf het moment dat de afikomen werd ingevoerd, was de Sederavond niet langer alleen een gedenkteken van een historische bevrijding, maar ook een aanmoediging voor het volk om uit te zien naar een nog grotere bevrijding: de komst van de Messias en Zijn rijk.

Totdat Hij komt

Bij elke Sederavond nemen Joden dus deel aan een ritueel dat hen wijst op de Messias, naar Wie zij eeuwen achtereen hebben verlangd. En toch, elke keer dat de middelste matze wordt gebroken, ligt er een sluier over hun hart die verhindert Hem te zien van wie Daniël en de profeten getuigen. Laten we bidden dat de Heere deze sluier wegneemt en zij mogen toetreden tot "de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God" (Rom. 8:21).
Maar moge deze kennis ook onze christelijke betekenis van het avondmaal verdiepen. Als we het brood breken, laten we dan denken aan het breken van de middelste Matze, dat Jezus ‘Zijn lichaam’ noemde. En laten we het eten ter gedachtenis aan Hem Die is gekomen, maar Die ook zal wederkomen. “Want zo dikwijls als u dit brood eet en deze drinkbeker drinkt, verkondig de dood van de Heere, totdat Hij komt” (1 Kor. 11:26).

Dit is een verkorte en bewerkte weergave van een artikel in the Herald 2010 ‘The Mystery of the Middle Matzah’

Voetnoten:

1. Aramese vertaling van de Hebreeuwse Bijbel samengesteld vanaf de tweede tempelperiode tot aan de vroege Middeleeuwen.
2. Aldus het Talmoedische traktaat Megillah 3a

Sluiten