Ziet, de Mens!

Christologie Tekst, Arno Gaebelein

“Ziet, de Mens!”, zo sprak Pilatus. Hij presenteerde het Joodse volk de Man, Die onder hen zieken had genezen, goede werken had gedaan en vol liefde was geweest.
Pilatus zal met zijn uitspraak niet beseft hebben dat “Ziet, de Mens!” de boodschap van de Bijbel is.

Eerste en laatste Adam

Daar stond Hij. Zijn bebloede schouders bedekt door een purperen kleed en op Zijn hoofd een kroon van doornen. Pilatus sprak Latijns en gebruikte slechts twee woorden: “Ecce Homo”.
Wat bedoelde hij hiermee? Hij haatte immers de Joden. Presenteerde hij hen de Man van smarten om hen een gunst te doen? Of was zijn doel om medelijden in hun harten op te wekken opdat zij Hem genadig zouden zijn, Hem vrijlating te gunnen boven Barabbas? We weten het niet. Toch sprak hij de geweldige woorden “Ecce Homo”. Het is de boodschap van Genesis tot Openbaring. Gods openbaringen zijn voor mensen, maar gaan ook over mensen: de eerste Adam en de laatste Adam; de eerste mens en de tweede Mens (1 Kor. 15:45, 47).
Al meteen in het eerste hoofdstuk van de Bijbel lezen we dat God een wezen schept dat op Hem lijkt: “Laat Ons mensen maken, naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis” (Gen. 1:26). Alle drie personen van de Godheid waren bij deze scheppingsdaad betrokken.
Deze eerste mens, Adam, was geen aapachtige, holbewoner of onintelligent wezen, maar een persoon met wijsheid en kennis. Hij kende elk dier bij name en had een enorme kennis van de schepping waarover hij mocht heersen. Kunnen de hedendaagse wetenschappers dit van zichzelf zeggen? Maar het meest bijzondere was niet de kennis van de eerste mens, maar zijn relatie met God. Hij leefde in Zijn nabijheid, had een band met Hem. De Schepper toonde Zijn liefde voor de mens, die Hij had geschapen tot Zijn eer. “Ziet, de Mens!”

Een pijnlijk contrast

De omstandigheden veranderden snel. De mens moest, als gevolg van zijn opstand tegen God, Zijn heerlijkheid missen. Als we nu naar de mens kijken, zien we een pijnlijk contrast. De toegang tot Eden werd geblokkeerd, de mens verdreven uit het paradijs. Hij vertrouwde niet op zijn Maker, maar luisterde naar de duistere stem van een mysterieus wezen. Hij werd een zondaar. De woorden van God veranderden in woorden van droefheid en lijden. Doornen! Vloek! “Want gij zijt stof, en gij zult tot stof weerkeren!” (Gen. 3:19).
Dan begint de mens aan een eeuwenlange geschiedenis van zonde, schaamte en lijden. Door de zonde zinkt hij dieper en dieper. De nacht wordt steeds donkerder. God ziet het allemaal aan en zegt: “Ziet de mens!”. Zie wat er van hem geworden is door de zonde.
Maar zal God hem in deze toestand laten? Blijft er voor de zondige mens niets meer over dan een eindeloze nacht?

De andere Mens

God spreekt opnieuw. Nu is Zijn boodschap: “Ziet de Mens!”, dat wil zeggen, die andere Mens, de laatste Adam. Hij is het beloofde Zaad van de vrouw (niet uit het zaad van de zondige man). Duizenden jaren lang verwijzen de profeet Jesaja naar die ene Man. “Zie Mijn knecht!”, “Zie de Spruit!”, “Zie de Koning!”, “Zie Immanuël!”. God komt tot de mensen, om te lijden, te sterven, om de zonde op Zich te nemen en het plaatsvervangende offer te zijn. Hij komt om mensen terug te brengen. Niet naar alleen een aards Eden, maar ook naar een hemels paradijs!

De boodschap van de Evangeliën is geen andere dan “Ecce Homo!”. Hij kwam, geboren uit een maagd. Als Hij niet uit een maagd geboren zou zijn, had Hij de laatste Adam niet kunnen zijn. Hij zou dan delen in de zonde en de vloek. De laatste Adam kwam, rein en heilig. Niet alleen als mens, maar ook als God.
“Ziet de Mens!”, zo spreekt de Heilige Geest in de Evangeliën. Zie Zijn reinheid, Zijn perfecte leven, Zijn liefde! Zie Zijn volledige onderwerping aan de wil van God! Zie Zijn macht en luister naar Zijn woorden van eeuwig leven!

Het is volbracht

Toch kwam hij voor iets groters dan om te leven als de perfecte Mens, als het Beeld van de onzienlijke God. Johannes de Doper verkondigde:“Zie, het Lam Gods, Dat de zonde der wereld wegneemt” (Joh. 1:29). Het Lam heeft geen altaar nodig, Zijn altaar is het kruis. De eerste Adam was in de tuin der heerlijkheid, de laatste Adam kwam in de tuin van de pijn, de hof van Gethsemane. Hij werd tot wat de profetie had voorzegd: “Ik ben een worm en geen Man” (Ps. 22:7). Na Hem te schande te hebben gemaakt, presenteert Pilatus Hem aan het volk: “Ecce Homo!”. De demonen verheugen zich, de engelen treuren.
De Man wordt genageld aan het Kruis. Hij voldoet aan Gods rechtvaardigheid en betaalt de hoge prijs. “Hij, Die geen zonde gekend heeft, werd voor ons tot zonde gemaakt” (2 Kor. 5:21). Hij buigt Zijn met doornen gekroonde hoofd, maar over Zijn lippen komt een geweldige overwinningskreet: “Het is volbracht!” (Joh. 19:30).

Dan komt de geweldige boodschap van de Heilige Geest voor een zondige wereld. “Ziet de Mens!”, “Zie het Lam van God!”. Hij heeft het werk volbracht. Door Zijn bloed is de Vrede tot stand gebracht. Hij brengt de mensen weer terug tot God, in het Vaderhuis.

Wederom horen wij “Ziet de Mens!”. Het graf is leeg. Daar staat Hij, de Man die stierf en de dood voor altijd overwon. Hij is geen geest of mysterieuze macht. Hij is de laatste Adam! Hij is het Hoofd van een nieuwe schepping. Eens zullen al de Zijnen delen in Zijn heerlijkheid. Zij worden veranderd tot Zijn beeld, het beeld van de laatste Adam.
Hij zal verschijnen in de lucht en door Zijn geroep zullen de graven van de gelovigen worden geopend. Hij zal al de heiligen verzamelen en zij zullen Hem zien van aangezicht tot aangezicht: “Ziet de Mens!”. We zullen Hem zien zoals Hij is en aan Hem gelijk zijn! Wat een geweldig vooruitzicht! We zullen hem niet zien zoals de Romeinen hem zagen toen zij spottend zeiden: “Ecce Homo”, maar we zullen Hem zien in al Zijn glorie!
En nadat Hij tot Koning is gekroond, krijgt Hij de heerschappij over de aarde. De laatste Adam zal een in zonde gevallen schepping herstellen! Hij zal orde op zaken stellen! Zijn hiel zal de kop van de slang voorgoed vermorzelen en Hij zal voor eeuwig regeren in vrede en gerechtigheid. “Ziet de Mens!”

Sluiten