iBasics: Geënt op Israël?

Jodendom | Oud Testament | Nieuw Testament | Typologie en beelden Tekst, Christian Stier

Er zijn van die bekende gezegdes die je automatisch overneemt, maar waarvan het de vraag is of ze wel kloppen. Zo is er een gevleugelde uitspraak dat wij ‘op Israël geënt zijn’. Sommigen trekken daaruit de conclusie dat we terug moeten naar de Joodse wortels door ons te verdiepen in het Jodendom om zo de Bijbel beter te begrijpen. Maar op welk bijbelgedeelte is deze uitspraak gebaseerd? Staat dit er ook echt? En is dit ook de boodschap die de schrijver wil overbrengen?

Tamme olijfboom

In het hart van de Romeinenbrief, de hoofdstukken 9 t/m 11, behandelt Paulus Gods plan met Israël. In Romeinen 11:13-24 haalt hij het voorbeeld van het enten aan dat we ook in de landbouw tegenkomen bij het entingsproces van olijfbomen. We lezen in vers 17: “Als nu enige van die takken afgerukt zijn, en u, die een wilde olijfboom bent, in hun plaats bent geënt en mede deel hebt gekregen aan de wortel en de vettigheid van de olijfboom”.

Er wordt in dit gedeelte gesproken over twee bomen: de wilde olijfboom en de tamme olijfboom (zie vs. 24). Uit de context blijkt dat heidenen worden overgezet van de wilde olijfboom op de plaatsen waar de natuurlijke takken van de tamme olijfboom zijn weggekapt. Maar let op, er staat niet dat ze worden geënt op Israël! De takken zijn namelijk een beeld van het volk Israël, waarvan een deel door hun ongeloof is weggekapt. Gelovigen uit de heidenen worden geënt op de tamme olijfboom waardoor ze – en daar gaat hier om – ­ deel krijgen aan ‘de wortel en de vettigheid van de olijfboom’. De vraag is: waar staan de wortel en de vettigheid voor?

Nieuwe ontwikkeling

Om dit goed te begrijpen is het belangrijk om stil te staan bij de kern van Paulus’ boodschap. In het vorige artikel hebben we gezien dat de heidenen begonnen te delen in de beloften die God aan Israël als volk had gegeven. Denk bijvoorbeeld aan Handelingen 10, waar de Joodse apostel Petrus voor het eerst van zijn leven bij heidenen over de vloer komt om het Evangelie te delen. Daar moest hij als Jood wel eerst een bijzonder visioen van de Heere voor ontvangen (vs. 1-16). Terwijl Petrus nog spreekt, wordt Gods Geest op de heidenen uitgestort (vs. 44). Zowel Petrus als de Joden die met hem mee waren gekomen, zijn volledig buiten zichzelf (vs. 45). Waarom? Omdat de belofte van de uitstorting van Gods Geest exclusief aan Israël was gegeven (zie Joël 2), en de heidenen er nu ineens in begonnen te delen. Om het met Paulus’ woorden uit Romeinen 11 te zeggen: Heidenen kregen deel aan de ‘wortel en de vettigheid van de tamme olijfboom’.

Want aan wie had God in de eerste plaats Zijn beloften gegeven? Juist, aan Abraham! Hij is de stamvader, de wortel waardoor de vettigheid van Gods beloften via de boom de takken doordrenkt. Door Abraham zullen uiteindelijk alle ‘geslachten van de aardbodem gezegend worden’ (Gen. 12:3). De heidenen begonnen dus te delen in de beloften die God in de eerste plaats aan Abraham had gegeven. Dan kom je automatisch ook uit bij de Heere Jezus, Die de Zoon van Abraham wordt genoemd (Matt. 1:1) en de beloften vervult. De wortel wijst dus zowel op Abraham alsook op Christus! (zie o.a. Gal. 3:14 en 16).

Kern: Worden heidenen in dit beeld geënt op Israël? Nee! De kern van het beeld is, dat heidenen deelkrijgen aan de beloften (vettigheid) die God aan Abraham (de wortel) en aan zijn nageslacht heeft gedaan. Het is ook niet Israël, maar de wortel die de gelovigen uit de heidenen draagt (zie Rom. 11:18).

Het Lichaam van Christus

Heidenen begonnen na de dood en opstanding van Christus te delen in de beloften die God aan Israël had gegeven. Deze nieuwe ontwikkeling in het plan van God vinden we terug in het boek Handelingen. Later zien we echter dat er iets nieuws ontstaat, namelijk het lichaam van Christus. Paulus legt dit in Efeze 2:11-16 uit. “Maar nu, in Christus Jezus, bent u, die voorheen veraf was (de heidenen), door het bloed van Christus dichtbij gekomen. Want Hij is onze vrede, Die beiden één gemaakt heeft. En door de tussenmuur, die scheiding maakte, af te breken, heeft Hij de vijandschap in Zijn vlees tenietgedaan, namelijk de wet van de geboden, die uit bepalingen bestond, opdat Hij die twee in Zichzelf tot één nieuwe mens (!) zou scheppen en zo vrede zou maken, en opdat Hij die beiden in één lichaam (!) met God zou verzoenen door het kruis, waaraan Hij de vijandschap gedood heeft” (vs. 13-16).

De Heere Jezus heeft de tussenmuur die Jood en niet-Jood van elkaar scheidde, weggebroken. En waar bestond die scheidsmuur uit? Paulus verklaart: “de wet van de geboden, die uit bepalingen stond” of wel de 613 ge- en verboden1. Deze wet stond onder het Oude Verbond als een hekwerk om Israël als volk heen.

God heeft echter door de verzoening in Christus de wet tenietgedaan en vervolgens één nieuwe mens geschapen. Iedere Jood en niet-Jood (heiden) die tot geloof in de Heere Jezus Christus komt, behoort tot die nieuwe mens of wel ‘het lichaam van Christus’. Er ontstaat dus iets nieuws wat onder het Oude Verbond ondenkbaar was, maar na Christus’ dood en opstanding werkelijkheid kon worden. Daarom noemt Paulus het in het volgende hoofdstuk ook een ‘geheimenis’ wat toen pas geopenbaard werd (Ef. 3:1-7).

Herstel van Israël

Dit betekent overigens niet dat God Israël als volk niet meer gaat herstellen. Het bijzondere is dat God die takken van Israël, die tijdelijk door hun ongeloof uit de tamme olijfboom zijn afgerukt, in de toekomst opnieuw zal enten (zie Rom. 11:24). Maar daarvoor zal Israël als volk eerst tot bekering moeten komen (Hand. 3:19-21; Rom. 11:26). Israël zal als volk hersteld worden en de volle zegen ontvangen (Lees ook Rom. 11:15 en 25-36).

Tot slot

Het mag duidelijk zijn dat Paulus in Romeinen 11 niet leert dat we op Israël geënt zijn en ons daarom zouden moeten verdiepen in het Jodendom om zo de Bijbel beter te begrijpen. Natuurlijk kunnen bepaalde achtergronden wel interessante inzichten opleveren. Een fout die echter vaak gemaakt wordt, is dat er dan naar het hedendaags Jodendom wordt gekeken dat in heel veel opzichten niet vergelijkbaar is met de tijd waarin de Heere Jezus en Zijn apostelen leefden2. Denk alleen al aan het feit dat de tempeldienst niet meer functioneert, omdat de tempel in 70 na Chr. is verwoest.

Wie de Bijbel onbevooroordeeld leest, kan niet heen om de Messias van Israël en Gods plan met Israël! Heel veel aspecten van ons geloof zijn gerelateerd aan Gods handelen met Zijn oogappel Israël. Terug naar ‘de Joodse wortels van het Christelijk geloof’, betekent dus vooral terug naar de Bijbelse wortels van Gods plan met Israël en de Gemeente.

Voetnoten:
1. Volgens rabbijnse telling.
2. Voor meer informatie, zie hier


Meer van zulke artikelen lezen?

Neem voor slechts € 12,50 p.j. een abonnement op IB Magazine. Het magazine bevat o.a. getuigenissen van Messiaanse Joden, interessante Bijbelstudies, nieuws, verhalen van de Bijbelverspreiding en achtergrondartikelen. Of abonneer u gratis op onze digitale nieuwsbrief.

Gratis nieuwsbrief IB Magazine

Sluiten